Verpleegkunde presenteert zich maatschappelijk als een doe-vak. De verpleegkundige opdracht is niettemin complex en het succes van het verpleegkundig handelen is niet vanzelfsprekend. Kiezen wat ¿te doen¿ is best moeilijk en wordt in toenemende mate gebaseerd op evidentie die blijkt uit verpleegkundig wetenschappelijk onderzoek. Verpleegkunde is een beroep dat volop in beweging is. Enerzijds handelt de verpleegkundige autonoom en is er binnen de beroepsgroep de wil naar verdere profilering. Anderzijds blijft er de verbondenheid met andere beroepen binnen de gezondheidszorg, zoals artsen en andere hulpverleners. De grens is niet zo duidelijk. Het boek sluit aan bij het professionaliseringsproces van het verpleegkundig beroep, waarbij de patiënt de centrale figuur is. Voortdurend dringen zich volgende vragen op¿Wat is verpleegkunde? Wat is het niet? En wat is dan de specifieke focus van verpleegkunde? Bij de beantwoording van deze vragen komen concepten en methoden uit de verplegingswetenschap aan de orde. Het doel is theoretische begrippen te vertalen naar de dagelijkse praktijkvoering van de verpleegkunde.