Compassie is wellicht de verloren sleutel voor de hardnekkige vraagstukken waarmee we worstelen. In onszelf, binnen organisaties en in de (mondiale) samenleving. Gehoor geven aan de oproep om zorg te hebben voor de kwetsbare kant van het leven is niet eenvoudig. Zeker niet in een competitieve wereld, waarin bovenal prestaties tellen. Toch ontdekken steeds meer mensen de waarde en zeggingskracht van compassie voor ons dagelijks doen en laten. Het tweede ZINschrift levert een inhoudelijke bijdrage aan deze herontdekking en gaat in op vragen die leven bij mensen met een passie voor compassie. Onze verhouding met begrippen als compassie, mededogen en barmhartigheid is ambivalent. Enerzijds doen deze begrippen stoffig aan en weten we niet meer precies wat ze betekenen. Bij sommige mensen roepen ze zelfs weerstand op. Aan compassie, mededogen en barmhartigheid kleven voor hen de beelden van benauwde religieuze liefdadigheid. Anderzijds weten we intuïtief dat mildheid en liefdevolle bejegening cruciaal zijn voor de kwaliteit van samen leven en samen werken. Compassie blijkt het kernwoord te zijn in álle spirituele tradities. Dat is bemoedigend in een tijd waarin vooral de verschillen tussen spirituele tradities wordt benadrukt. Het tweede ZINschrift verheldert de wezenlijke betekenis van compassie vanuit de christelijke en boeddhistische traditie.

