De auteur analyseert Het Lied der Liederen (Ct) op strikt taalkundige wijze.
Deze analyse maakt aannemelijk dat Ct 1.2-8.4 gesitueerd moet worden in de
harem van koning Salomon. Ct vormt een doorlopend verhaal waarin naast de
vrouwelijke hoofdpersoon (vr.h.p.), haar geliefde herder en Salomon nog een
vierde persoon het woord voert: de verzorgster van de vr.h.p. in de harem. De
sprekers zijn herkenbaar aan de karakteristieke wijze waarop zij zich tot een
ander richten. Daarin manifesteert zich een consequent en consistent
taalgebruik. Zodoende en ook anderszins worden literaire hulpmiddelen benut
voor het scheppen van duidelijkheid. In een aantal passages worden specifiek
vrouwelijke c.q. mannelijke lichaamsdelen in verhullende taal beschreven, meer
dan tot nu toe onderkend is. Elk vers en elke passage is begrijpelijk en zinvol
mits lexicale en grammaticale gegevens worden gerespecteerd en verhullende taal
wordt doorzien. In Ct wordt de menselijke liefde, met inbegrip van de erotisch-
seksuele component daarvan, op uiterst serene en ideele wijze aan de orde
gesteld. Als zodanig kan deze van onschatbare waarde zijn voor de volledige
ontplooiing van de menselijke persoon, ook in religieus opzicht. Een zuiver
letterlijke benadering van Ct doet niets af aan de heiligheid van dit
bijbelboek (Peeters 2003)

