In “Zelfmanagement in lerende organisaties” wordt in eerste instantie het begrip “lerende organisatie” toegelicht en wordt stilgestaan bij de achtergronden en de kenmerken ervan. Lerende organisatie hebben de vaardigheid te reageren en te anticiperen op snel veranderende behoeften van de markt. Lerende organisaties staan voor beweeglijkheid en vernieuwingszin. Blauwdrukken, stappenplannen en actiemodellen bestaan er niet voor.
HR-management kan echter wel een belangrijke bijdrage leveren aan het verwezenlijken van de lerende organisatie. Dit is zowat de leidraad van “Zelfmanagement in lerende organisaties”.
Voorwaarde is dan wel dat HR niet beheersingsgericht is, maar ontwikkelingsgericht. HR is immers vaak gericht op het coördineren en beheersen van gedrag. HR-systemen zijn dikwijls bevoogdend en belemmeren op die manier het leren, vindt de auteur. Hij wijst daarbij terloops op het feit dat het succes van HR-management ervoor gezorgd heeft dat het aspect personeel op de agenda van het topmanagement is gekomen, maar tegelijkertijd plaatst hij enkele kanttekeningen. Zo vindt hij de wetenschappelijke waarde van de theorieën en concepten van HR laag. Bovendien loopt HR voortdurend het risico om een kille, instrumentele benadering te worden waarmee het menselijke gedrag beďnvloed wordt. Er wordt van boven naar beneden geredeneerd.
Maar zo’n aanpak staat haaks op de dynamiek van een lerende organisatie. Die vraagt een ontwikkelingsparadigma waarbij HR de ontwikkeling stimuleert en faciliteert en niet gericht is op het beheersen van gedrag . Er wordt rekening gehouden met verschillen per individu en maatwerk is het streefdoel. De kenmerken van een ontwikkelingsgericht HR-beleid, alle deelaspecten én de praktische toepassing ervan, krijgen in het boek zeer uitgebreid aandacht.
Een ontwikkelingsgericht HR-beleid impliceert onder meer dat HR-instrumenten laagdrempelig moeten zijn en zich op de eerste plaats moeten richten op het zelfmanagement van individuen in organisaties. Lerende organisaties bestaan immers bij gratie van lerende individuen en die leren het best als ze gemotiveerd zijn, zich betrokken voelen bij de organisatie en een visie hebben op hun waarden en leven. Om die reden moet zelfmanagement sterk gestimuleerd worden in lerende organisaties. Zelfmanagement creëert immers uitdaging vanuit de bepaling van wat belangrijk is, het inspireert omdat het de energie kan richten en inzicht geeft in hoe de eigen talenten kunnen worden benut.
De kunst bij zelfmanagement bestaat erin om het zelfmanagement van de medewerkers op dezelfde lijn te krijgen met de richting die de organisatie wil uitgaan. Daarmee slaat de auteur ook een brug nar zelfsturende teams, waar hij een apart hoofdstuk aan besteedt.
Het boek is zeer systematisch opgebouwd en neemt de lezer geleidelijk mee in het denkproces richting zelfmanagement. Het geeft een interessante aanzet om na te denken over hoe een efficiënte, creatieve organisatie kan worden uitgebouwd die de mens als individu benadert en daar ook het beste weet uit te halen.
(Bron : Uitgelezen - HRMagazine)

