In 1957 komt de eerste zwarte Zuid-Afrikaanse voetballer naar Nederland, naar Almelo welteverstaan. Steve Mokone, tenger en in zijn veel te grote witte broek, speelt virtuoos, brengt zijn club Heracles het kampioenschap maar verdwijnt vervolgens spoorloos. Tom Egbers, Almeloër en Heraclied van geboorte, gaat decennia later op zoek naar de legendarische ‘koffiekleurige kroeskop’ en zijn verhaal, en schrijft De Zwarte Meteoor. In 2000 wordt Egbers’ boek verfilmd, maar een paar dagen na de première is er een verpletterend bericht: Steve Mokone blijkt een inktzwarte periode uit zijn leven te hebben verzwegen. Hij zat jarenlang achter de tralies in Amerika. Mokone wil niet praten over wat er in de herfst van 1977 is gebeurd. Daarop reist Tom Egbers naar New York voor een nieuwe zoektocht, waarvan hij in Twaalf gestolen jaren verslag doet.

