1939. De Nationale Bank van beglië ziet de bui hangen. Ze brengt in allerijl haar kostbaar goud in veiligheid en probeert zo de Nazi’s te snel af te zijn. Helaas, het plan mislukt. De collaborerende Vichy-regering tipt de Duitsers en zorgt ervoor dat het goud via Frankrijk, Dakar, Mali, Algiers en Marseille in de kelders van de Reichsbank in Berlijn terechtkomt. 197.000 kilo goudstaven… Men kan zich nauwelijks inbeelden hoeveel staven goud dat zijn en wat de waarde ervan is.
Goud op driftleest als een politieke thriller: van dag tot dag volg je het goudspoor. Van destart van het transport tot het laatste klompje goud – pas in 1997 – terug werd bezorgd aan de centrale bank staat. Het rijkelijk geïllustreerde boek werpt ook een totaal nieuw licht op de rol van een zwakke regering op de dool, de demarches van koning Leopold III en de gouverneurs van de Nationale Bank, de minister van Financiën Gutt.
De auteurs Walter en Jan Pluym hebben zich jarenlang verdiept in dit ongemeen boeiende verhaal. Walter Pluym als onderzoeker bij de Nationale Bank, zoon Jan als steun en toeverlaat van zijn vader bij dit monnikenwerk. Een indrukwekkend staaltje van historisch onderzoek.

